Zelfmoord bij jongeren en medicatie

Zelfmoord bij jongeren en bij kinderen wordt nadrukkelijk doodgezwegen in onze maatschappij, hoewel dit de op een na grootste mortaliteitsoorzaak bij hen is. Een studie buigt zich over ‘opzettelijke zelfvergiftiging’ bij jongeren van 10 tot 24 jaar. Het is uiteraard niet mogelijk om de Amerikaanse en de Europese gegevens met elkaar te vergelijken, maar toch zijn de gelijkenissen overduidelijk …

Een Franse studie vermeldt dat er elk jaar 30 à 100 kinderen zich van het leven beroven; het gaat om bewezen zelfmoord of om ongevallen die worden beschouwd als analoog aan een zelfmoord. Dat kan weinig lijken, maar 16% van de kinderen blijkt de dood als een oplossing voor hun probleem te zien. Volgens de specialisten schuilt het gevaar erin dat kinderen totaal anders tegen de dood aankijken dan volwassenen en adolescenten. Ze kunnen zeer snel overgaan tot de daad naar aanleiding van een ruzie, een straf enz.

De Amerikaanse auteurs van de studie die werd uitgevoerd tussen 2000 en 2018 delen de patiënten in volgens hun leeftijd. In die 18 jaar hebben ze het aantal jaarlijkse gevallen van zelfmoord door vergiftiging, de demografische gegevens per leeftijdsjaar, de resultaten volgens de leeftijd en het geslacht van de patiënt genoteerd.

Er waren 1.627.825 gevallen van opzettelijke zelfvergiftiging met vermoeden van zelfmoord, waarvan 1.162.147 (71%) bij vrouwen. Bij kinderen van 10 tot 15 jaar werd er van 2000 tot 2010 een daling van het aantal zelfmoorden en van het percentage per 100.000 inwoners vastgesteld, gevolgd door een significante stijging (van 125% naar 299%) tussen 2011 en 2018. Bij kinderen van 10 tot 18 jaar was de stijging tussen 2011 en 2018 voornamelijk toe te schrijven aan de meisjes. In de leeftijdsgroepen van 19 tot 24 jaar is de stijging minder sterk, tussen 12 en 14% voor 2010-2018, terwijl er een zeer grote stijging was geweest tussen 2000 en 2010, tot 56%.

Volgens de auteurs zijn de zelfmoordpogingen ingegeven door onthechting, wanhoop, emotioneel leed en het ontbreken van persoonlijke zingeving. Jongeren helpen om banden te smeden, ondersteuning te krijgen indien nodig en hun zingeving van het dagelijkse leven te bevorderen, is een begin om in te spelen op veel bekommeringen die tot zelfmoordgedrag leiden. Er zijn echter ook degelijke therapieën en medische behandelingen nodig - die gestaafd zijn door empirische gegevens - om de personen die het meest risico lopen te ondersteunen, en die ingrepen zouden steeds vaker zorgmodellen moeten omvatten die specifiek gericht zijn op zelfmoord. Met het oog op de ongelijke verdeling tussen de geslachten, met een zeer sterke vertegenwoordiging van het vrouwelijke geslacht in de zelfmoorden, vragen de auteurs zich bovendien af of het mogelijk is om hun resultaten te extrapoleren naar personen van het mannelijke geslacht. Ze geven overigens toe dat ze geen onderscheid hebben gemaakt tussen de personen volgens hun etnische afkomst. Rekening houdend met het type gegevensverzameling, die gebeurde op vrijwillige basis in de 55 Amerikaanse antigifcentra, is tot slot een onderschatting van het aantal zelfmoorden waarschijnlijk.

Het kan ook nuttig zijn om eraan te herinneren dat het plegen van zelfmoord geen spontane daad is, zelfs al kunnen in het bijzonder kinderen er snel toe overgaan. Dit maakt echter deel uit van een proces. De persoon lijkt bovendien niet bijzonder depressief. Bij jonge jongens kunnen de symptomen onder andere agitatie en impulsiviteit zijn. Verder leidt spreken over zelfmoord met iemand, of het nu gaat om een kind, een adolescent of een volwassene, waarvan wordt vermoed dat hij zelfmoordgedachten heeft, niet tot het overgaan tot de daad of tot het hem op het idee brengen. Integendeel, het maakt het mogelijk om de dialoog aan te gaan en uiting te geven aan het leed. Maar we mogen het onderwerp ook niet banaliseren. Tot slot kan het, als een bepaald kind in een gezin een reëel risico op zelfmoord vertoont, nuttig zijn om te spreken met de andere leden van dit gezin om na te gaan of ook zij geen risico lopen.

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.