Begin 2028 opent in de Brusselse gemeente Elsene een museum gewijd aan De Kat, de bekende stripfiguur van de Brusselse striptekenaar Philippe Geluck. Het museum heet voluit "Musée du Chat et de l'art rigolo" en komt in een oude porseleinfabriek langs de Waversesteenweg. De financiering gebeurt volledig met privémiddelen.
In april liet Geluck weten dat hij afzag van de plannen voor een "De Kat"-museum op de Brusselse Kunstberg. De plannen daarvoor, in samenwerking met het Brussels Gewest, dateerden al van 2015. De vertraging en de verhoging van het budget dat hijzelf moest dragen hadden het project financieel onhaalbaar gemaakt, klonk het toen.
De voormalige fabriek in Elsene, 2.300 vierkante meter groot, zal een vaste collectie herbergen gewijd aan het grafisch universum van Geluk, met tekeningen, schetsen, doeken, sculpturen maar ook radio- en tv-fragmenten. Er komen ook tijdelijke tentoonstellingen over grote namen uit de humoristische tekenkunst, de kat in de geschiedenis en "l'art rigolo", of grappige kunst.
Architect Francis Metzger zal de restauratie van het gebouw, dat dateert uit de jaren 1830, in goede banen leiden. Hij verwacht dat de werken ruim een jaar zullen duren. Een deel van de site is sinds 1997 geklasseerd. "Deze plek zal bruisen, dat hoop ik uit de grond van mijn hart", zei Geluck bij de voorstelling.
Een stichting zal het museum beheren, en die doet daarvoor uitsluitend beroep op privéfondsen. De investering wordt geraamd op 2 miljoen euro, of "drie keer minder" dan het project in samenwerking met het gewest, zegt Geluck. De opbrengsten van de verkoop van de monumentale beelden van "Le Chat déambule" (De Kat op pad) gaan ook naar het museum, dat nog steeds op zoek is naar nieuwe mecenassen en partners.
In 1983 verschenen de eerste Le Chat-strips in Le Soir. Intussen verschenen al verschillende albums, ook in het Nederlands.








