De overheid heeft vorig jaar bijna 15 miljoen euro ingehouden omdat de mutualiteiten vooropgestelde doelen niet gehaald hadden. Dat schrijft De Tijd donderdag op basis van cijfers die de krant opvroeg bij het Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering (Riziv).
Sinds 2022 kan de overheid tot 20 procent van de jaarlijkse administratiekosten inhouden, op basis van de prestaties van de ziekenfondsen op een zevental criteria het jaar voordien. Er wordt onder meer gecontroleerd of ze terugbetalingen en uitkeringen tijdig in orde maken, voldoende interne controles tegen misbruik organiseren en genoeg terug-naar-werktrajecten voor langdurig zieken opstarten. Hoe slechter de score, hoe beperkter de werkingsmiddelen.
De financiële responsabilisering blijkt almaar zwaarder te wegen. Zo bedroeg de totale som die werd ingehouden in 2023 8,5 miljoen euro. Het jaar nadien ging het om 11,7 miljoen euro en in 2025 landde het bedrag op 14,8 miljoen euro. In twee jaar tijd was er dus een stijging met bijna driekwart. In verhouding tot het totale administratiebudget dat de overheid aan de mutualiteiten toekent (ruim 1,4 miljard euro) gaat het wel nog steeds om een klein aandeel.
De Landsbond van Liberale Mutualiteiten (LLM) ziet zijn prestaties de jongste jaren verslechteren en liep zo alleen al vorig jaar 2,6 miljoen euro mis. Bij de betere leerlingen zitten de neutrale ziekenfondsen, qua aantal leden de kleinste van de vijf mutualiteitskoepels. Ook de Landsbond der Christelijke Mutualiteiten (met de CM aan Vlaamse kant) en de onafhankelijke ziekenfondsen (bekend als Helan in Vlaanderen) scoren beter dan gemiddeld.
Lees ook: Vennootschapsbelasting ziekenfonds is "belasting op sociale bescherming" (Solidaris)








