Onderzoekers van het Rega Instituut van de KU Leuven hebben een mogelijke nieuwe sleutelspeler in de werking van vaccins geïdentificeerd. Uit nieuw experimenteel onderzoek, gepubliceerd in het vaktijdschrift Nature Immunology, blijkt dat de bescherming die sommige vaccins bieden niet noodzakelijk afhangt van antilichamen, maar ook kan steunen op specifieke witte bloedcellen.
In de klassieke vaccinontwikkeling geldt de aanwezigheid van neutraliserende antilichamen doorgaans als de belangrijkste maatstaf voor werkzaamheid. Het Leuvense onderzoek toont echter aan dat die visie mogelijk te beperkt is. In een muismodel voor infectie met het Soedanvirus bleef een experimenteel vaccin bescherming bieden, zelfs wanneer de werking van antilichamen werd uitgeschakeld.
De onderzoekers gingen daarop op zoek naar andere mechanismen binnen het immuunsysteem. Ze onderzochten systematisch verschillende types witte bloedcellen en stelden vast dat vooral zogenoemde CD4-T-cellen cruciaal zijn. Wanneer die cellen werden geblokkeerd, verdween de beschermende werking van het vaccin volledig.
Volgens de onderzoekers spelen CD4-T-cellen een dubbele rol: ze zijn essentieel in de afweer tegen de acute infectie en voorkomen tegelijk een schadelijke overreactie van het immuunsysteem. "Het volstaat dus niet altijd dat een vaccin enkel de initiële infectie tegenhoudt, het moet het volledige ziektemechanisme afremmen", zegt viroloog Kai Dallmeier.
De bevindingen zijn opvallend omdat CD4-T-cellen tot nu toe vooral bekendstonden om hun rol bij kanker en chronische infecties, en minder als directe spelers in antivirale vaccinresponsen.
Als vervolgonderzoek bevestigt dat dit mechanisme ook bij mensen geldt, kan dat belangrijke gevolgen hebben voor de ontwikkeling en evaluatie van toekomstige vaccins.








