Belgen in sociaal kwetsbare wijken lopen meer kans op hart- en vaatziekten, stelt studie

Mensen in sociaal kwetsbare wijken lopen meer kans op hart- en vaatziekten. Dat brachten onderzoekers van Epcom, KU Leuven, Onafhankelijke Ziekenfondsen, Cascador en Novartis in kaart. Aan de hand van een heatmap willen de onderzoeksinstituten beleidsmakers meer inzicht geven in de sociale context rond hart- en vaatziekten als gevolg van slagaderverkalking, om zo een preventief beleid uit te werken.

Een vijfde van de Belgen overlijdt door een hart- en vaatziekte. Toch kan tot 80 procent van die overlijdens voorkomen worden. Ook voor de gezondheidszorg brengen die chronische aandoeningen veel kosten met zich mee. Het onderzoek gebeurde in het kader van het aangekondigde nationale hartplan van minister van Volksgezondheid Frank Vandenbroucke (Vooruit), dat inzet op meer preventie, meer datagedreven beleid en minder gezondheidsongelijkheid. De onderzoekers verzamelden daarom informatie die beleidsmakers nationaal en op wijkniveau meer inzicht moet geven in de context van hart- en vaatziekten als gevolg van slagaderverkalking.
Mensen in bepaalde regio's, met name aan de kust, maar ook rond steden als Charleroi, Brussel, Bergen en Dinant en in het zuiden van Luxemburg, vinden moeilijker de weg naar eerstelijnszorg, zoals huis- en tandartsen, en moeten vaker aankloppen bij tweedelijnszorg, die meteen een gespecialiseerde en duurdere behandeling aanbiedt. Mensen in kwetsbare gebieden maken 32 procent minder gebruik van eerstelijnszorg en "volgen bijgevolg niet het meest doeltreffende zorgtraject", verduidelijken de onderzoekers.
De aandoeningen worden vaak getriggerd door risicofactoren als overgewicht, langdurige stress, oververmoeidheid, te hoge cholesterol en bloeddruk, depressie en diabetes. "Veel van die risicofactoren zijn in onze maatschappij echter behandelbaar, wat wil zeggen dat we tot 80 procent van die overlijdens zouden kunnen voorkomen door in preventie te investeren", stelt professor gezondheidseconomie Dominique Vandijck (UGent).
Volgens Vandijck gaat er momenteel 30 miljard euro van het gezondheidsbudget naar behandelende zorg en 15 miljard euro naar de uitkering van langdurig zieken, en verliest de economie nog eens 12 miljard euro aan economische activiteit. "Door te investeren in doeltreffende gezondheidsinterventie en preventie verdient elke geïnvesteerde euro zich volgens ons maximaal terug", besluit Vandijck. "Toch gaat er slechts een klein aandeel van het gezondheidszorgbudget naar preventie." Door de investering in preventie te verdubbelen, tot drie procent van het gezondheidsbudget, kan volgens Vandijck twintig procent van de kosten voor verschillende chronische aandoeningen geschrapt worden. Dat zou de begroting jaarlijks zo'n 6 miljard euro besparen.
"We moeten veel eerder screenen en ingrijpen, zeker bij mensen die niet uit zichzelf naar de dokter stappen. En nog meer inzetten op bewustwording", stelt professor Werner Budts, cardioloog in het UZ Leuven. "Want door risicofactoren zoals roken, overgewicht, hoge bloeddruk en cholesterol aan te pakken, en door regelmatig te bewegen, kun je het risico op hart- en vaatziekten aanzienlijk verlagen." De artsen willen overheden daarom met de informatieve kaarten aanzetten om meer te investeren in preventie en zorgtrajecten op maat van de wijken.

> The ASCVD Heatmap

U wil op dit artikel reageren ?

Toegang tot alle functionaliteiten is gereserveerd voor professionele zorgverleners.

Indien u een professionele zorgverlener bent, dient u zich aan te melden of u gratis te registreren om volledige toegang te krijgen tot deze inhoud.
Bent u journalist of wenst u ons te informeren, schrijf ons dan op redactie@rmnet.be.