Een op 20 augustus in de Kamer ingediende resolutie van Petra De Sutter en Rajae Maouane (Ecolo-Groen), mee ondertekend door verschillende fractiegenoten, vraagt de federale regering om het koninklijk besluit van 1 februari 2018 inzake geneesmiddelenvoorschriften te hervormen en "ervoor te zorgen (…) dat elektronische voorschriften op basis van posologie en behandelingsduur automatisch en correct opgeladen worden in het medicatieschema van de patiënt, desnoods door het te verplichten".
Het voorstel van resolutie "betreffende de bevordering van de interdisciplinaire samenwerking door middel van digitale hulpmiddelen voor het voorschrijven, afleveren en opvolgen van medicatie in de eerstelijnsgezondheidszorg" wijst erop dat elektronisch voorschrijven sinds 1 januari 2020 verplicht is voor ambulante patiënten, behoudens enkele uitzonderingen. Daarnaast wordt gewezen op het relatieve tekort aan huisartsen en hun stijgende werkdruk, de blijvende onbeschikbaarheid van bepaalde geneesmiddelen en het feit dat de digitalisering van huisartsenpraktijken en apotheken quasi voltooid is. Ook het probleem van verspilling wordt aangestipt: in 2022 ging het volgens pharma.be om bijna 700 ton ongebruikte geneesmiddelen.
De resolutie benadrukt het belang van het VIDIS-project (Virtually Integrated Drug Information System), dat tien jaar geleden door het Riziv werd opgestart en waarbij afleveringsgegevens en voorschriften geïntegreerd worden in één uniform medicatieschema. "Optimale digitale gegevensstromen tussen patiënten en hun zorgteam kunnen de opvolging bij een medicamenteuze behandeling verbeteren en zo de interdisciplinaire samenwerking in de eerstelijnsgezondheidszorg, de therapietrouw van de patiënten en op termijn de resultaten van de behandeling bevorderen", luidt het. Toch schort het nog aan de integratie van de verschillende e-gezondheidsdiensten, de interoperabiliteit van systemen en de implementatie in de eindgebruikerssoftware.
Concreet vraagt de resolutie "het koninklijk besluit van 1 februari 2018 (…) zodanig aan te passen dat de voorschrijver alle geneesmiddelen kan voorschrijven als een behandeling, d.w.z. op basis van een posologie en een behandelingsduur i.p.v. per verpakking, zoals dat nu al het geval is wanneer een geneesmiddel wordt voorgeschreven op algemene benaming".
Ze vraagt ook "in samenwerking met de gemeenschappen, het Riziv, het eHealth-platform, de e-gezondheidsdiensten Recip-e, GFD, MyCareNet en de softwareleveranciers (…) ervoor te zorgen dat een elektronisch voorschrift in posologie en behandelingsduur automatisch en correct opgeladen wordt in het medicatieschema van de patiënt, desnoods door het te verplichten".
Daarnaast stelt de tekst "de ontwikkeling te overwegen van een teller die de voorgeschreven hoeveelheid (…) vergelijkt met de afgeleverde hoeveelheid (…) zodat zowel de patiënten als hun zorgteam de behandeling adequater kunnen uitvoeren dan wel opvolgen".
Verder wordt gevraagd "een maximale voorgeschreven behandelingsduur van één jaar in te voeren, gekoppeld aan een maximale afleveringshoeveelheid in functie van de behandelingsduur en de aard van het geneesmiddel".
Tot slot pleit de resolutie voor "richtlijnen en incentives voor patiënten, voorschrijvers en apothekers om de genoemde digitale hulpmiddelen optimaal te benutten in functie van rationeel geneesmiddelengebruik en therapietrouw en daar afdoende sensibilisering rond te voeren naar die doelgroepen".
Volgens de indieners moeten deze maatregelen de administratieve last voor huisartsen verlichten, de samenwerking met apothekers versterken en de opvolging van patiënten verbeteren binnen het kader van het VIDIS-medicatieschema.
> Ontdek de volledige resolutie









Laatste reacties
Marleen DAEMS
28 augustus 2025graag vertaling naar praktische invulling....